De Wachtkamer van de Ziel

Soms hoor je verhalen over de GGZ en denk je: het zal wel meevallen.
Tot je er zelf middenin zit.
Tot je merkt hoe het voelt om hulp te vragen  en dan te moeten wachten.


---

Je hoort erover, je leest het in de krant, je ziet de cijfers: de wachttijden in de GGZ lopen op.
Maar pas als je er zelf middenin zit, voel je wat dat echt betekent.

Hulp zoeken is geen makkelijke stap. Niemand besluit zomaar: ik heb hulp nodig. Daar gaat vaak een lange strijd aan vooraf — met jezelf, met je gedachten, met de schaamte, de twijfel, de angst. En dan, eindelijk, als je die drempel over bent… kom je in een andere strijd terecht.
Een strijd tegen het systeem.

Een jaar is lang, als je op bent

Daar waar zorg eigenlijk direct nodig is, word je op een wachtlijst gezet. “Gemiddeld zes maanden,” zeggen ze dan. Maar dat kan zomaar oplopen tot een jaar. Een jaar waarin je probeert te overleven, te functioneren, te doen alsof.
Een jaar waarin het leven doorgaat, maar jij stilstaat.

Het klinkt hard, maar het voelt soms alsof je niet ziek genoeg bent om snel geholpen te worden, en te ziek om nog zelf iets te regelen.

En dan hoor je dat iemand anders toevallig wél ergens tussen is geglipt — door een belletje, een meevaller, een gunst.
Blijkbaar is volharding, een vleugje geluk, of iemand die nét even naar je luistert, soms belangrijker dan hoe hard je hulp nodig hebt.

Een keuze tussen twee werelden

Toen ik eindelijk aan de beurt was, mocht ik kiezen uit twee plekken.
De één klonk zelf zo moe, zo leeg, dat ik me afvroeg of hij niet ook hulp nodig had.
De ander voelde anders: jong, fris, met mensen die écht luisterden. Geen standaardzinnetjes, geen automatische knikjes, maar oprechte aandacht.

Daar ben ik gegaan. En dat maakte verschil.
Een plek waar je niet werd aangekeken als “weer een dossier”, maar als mens.

Een nieuw pad

Tijdens de start van mijn traject hoorde ik iets wat bleef hangen:
dat het de komende jaren alleen maar erger zal worden met de wachttijden.
Dat raakte me.

Ik besloot dat ik niet alleen wilde blijven hangen in mijn eigen ervaring, maar er ook iets mee wilde dóen.
Ik ben begonnen aan een opleiding tot burn-out coach.
Het hielp me niet alleen om mezelf beter te begrijpen, maar ook om richting te vinden — naar een toekomst waarin ik zélf iets kan betekenen.
Als hulpverlener.

Want misschien is dat wel precies wat de GGZ nu nodig heeft:
mensen die niet alleen vanuit kennis praten, maar vanuit ervaring.
Die weten hoe het voelt om te wachten.
En hoe belangrijk het is dat er iemand echt luistert.

Voor wie vastloopt, en voor wie blokkeert

Voor iedereen die nu wacht: je bent niet gek, je bent niet zwak. Je bent gewoon mens in een systeem dat soms vergeten lijkt waarvoor het ooit bedoeld was.

En voor iedereen die aan de andere kant zit — beleidsmaker, hulpverlener, of wie dan ook die de regels maakt of uitvoert:
besef dat achter elke naam op die wachtlijst een verhaal zit.
Een gezicht, een stem, iemand die het soms nauwelijks redt.

De GGZ is niet alleen een netwerk van instellingen. Het is een plek waar levens soms letterlijk aan een draadje hangen.
En die draad mag best wat sterker geweven worden.


---

Soms is wachten het moeilijkste wat er is.
Maar uit die wachttijd kan ook iets nieuws ontstaan — een stem, een missie, een mens die anderen wil helpen niet zo lang te hoeven wachten als jij.

Reacties

Populaire posts van deze blog

In moeilijke tijden leer je pas echt je vrienden kennen

Liefde met een narcist: hoe mijn relatie langzaam verdween